Racefiets stuur kiezen: breedte, reach, drop en zo vervang je hem
Het stuur is een van de drie plekken waar je lichaam de fiets raakt, en toch blijft het vaak zitten zoals het uit de winkel kwam. Zonde, want een stuur dat te breed is, te ver weg staat of een onhandige drop heeft, merk je na een uur rijden in je schouders, nek en handen. Met het juiste stuur zit je ontspannener, stuur je preciezer en kun je makkelijker van houding wisselen. Hieronder lees je waar je op let bij breedte, reach, drop en materiaal, en hoe je een stuur zelf vervangt. Het aanbod vind je in de categorie racefietsstuur.

De juiste breedte: begin bij je schouders
Een veelgebruikte vuistregel is dat de breedte van het stuur ongeveer gelijk is aan de afstand tussen je schoudergewrichten. Voor de meeste rijders komt dat uit tussen 38 en 44 centimeter. Een smaller stuur is iets aerodynamischer en voelt vlotter in een groepje, een breder stuur geeft meer controle en ademruimte, vooral bij klimmen en op slechte wegen.
Let goed op hoe de fabrikant meet. Sommige merken geven de maat hart op hart (c-c), dus van het midden van de ene drop naar het midden van de andere. Andere meten buitenkant tot buitenkant. Een stuur van 42 cm c-c kan buitenwerks al snel 44 cm zijn. Vergelijk dus altijd dezelfde maat met je huidige stuur voordat je bestelt. Twijfel je tussen twee maten, kies dan de maat die het dichtst bij je huidige stuur ligt als je daar tevreden over bent.
Reach en drop: hoe ver en hoe diep
De reach is de afstand die het stuur naar voren loopt, gemeten van het midden van de klem tot het verste punt van de bocht. Een kortere reach, ongeveer 70 tot 80 mm, brengt de remgrepen dichter bij je en maakt je houding wat rechter. Een langere reach strekt je meer uit. Wil je je positie maar een paar centimeter aanpassen, dan is een andere stuurpen vaak de logischere stap: een pen van 10 mm korter of langer maakt meer verschil dan je denkt.
De drop is het hoogteverschil tussen de bovenkant van het stuur en het onderste deel van de beugel. Compacte sturen hebben een drop van zo’n 120 tot 130 mm, klassieke sturen gaan richting 140 mm of meer. Een ondiepe drop maakt het makkelijker om echt in de beugel te rijden, en dat is precies waar je het meeste controle over de remmen hebt. Voor de meeste recreatieve rijders en toerfietsers is een compact stuur daarom de prettigste keuze.

Vorm van de bovenkant en flare
Naast de maten speelt de vorm mee. Een rond bovenbuisje voelt vertrouwd en laat je handen vrij draaien. Een afgeplat of ergonomisch bovenstuk geeft meer steunvlak, wat prettig is op lange ritten. Aerosturen hebben een platte, brede bovenkant die vooral bij hoge snelheid iets oplevert, maar je kunt er minder makkelijk een lamp of fietscomputer op kwijt.
Flare is de mate waarin de drops naar buiten uitlopen. Op een pure racefiets is dat meestal weinig of niets. Rijd je ook gravel of slechte paden, dan geeft een stuur met wat flare meer controle onderin, omdat je handen breder staan zonder dat de bovenkant breder wordt.
Aluminium of carbon
Aluminium sturen zijn betaalbaar, sterk en vergevingsgezind bij een val. Een kras of deuk zie je meteen. Carbon is lichter en kan trillingen iets beter dempen, maar het is gevoeliger voor te hoog aanhaalmoment en voor schade die je niet direct ziet. Ben je gevallen met een carbon stuur, laat het dan controleren of vervang het. Voor de meeste rijders is een goed aluminium stuur een prima keuze, carbon is vooral interessant als je op gewicht en comfort wilt winnen.
Klemdiameter en compatibiliteit
Bijna alle moderne racefietsen gebruiken een stuur met een klemdiameter van 31,8 mm (soms aangeduid als 31,7 mm). Oudere fietsen en sommige retro onderdelen hebben 26,0 mm. Stuur en stuurpen moeten op elkaar passen, anders klemt het niet goed. Kijk ook naar de geleiding van de kabels: veel nieuwe fietsen hebben interne kabelgeleiding of een geïntegreerde stuurpen en stuurcombinatie. Dan past een los stuur niet altijd zomaar, en heb je soms speciale onderdelen nodig.

Racefiets stuur vervangen in stappen
Heb je een fiets met gewone kabels die buiten langs of onder het lint lopen, dan is een stuur wisselen goed zelf te doen. Met hydraulische remmen en interne kabels is het meer werk, omdat je soms leidingen moet loskoppelen en ontluchten. Zo pak je het aan bij een standaard opbouw:
- Haal het oude stuurlint en de stuurdoppen eraf en noteer of maak een foto van de hoek en hoogte van de remgrepen.
- Maak de klemmen van de remgrepen en shifters los via de bout onder het rubber, en schuif ze van het stuur af. De kabels mogen blijven zitten.
- Draai de bouten van het frontplaatje van de stuurpen kruislings los en neem het oude stuur weg.
- Plaats het nieuwe stuur, centreer het met de markeringen en zet het op de hoek die je wilt. De onderkant van de drops loopt meestal ongeveer horizontaal of licht naar beneden.
- Draai de bouten kruislings aan tot het aanhaalmoment dat op de stuurpen of het stuur staat. Bij carbon gebruik je carbonpasta en een momentsleutel.
- Zet de remgrepen terug op dezelfde hoogte aan beide kanten, controleer met een liniaal en draai ze vast.
- Wikkel nieuw stuurlint om en maak het af met tape en eindstoppen.
Rijd na het monteren eerst een rustig rondje en check of het stuur niet draait als je er stevig op duwt. Een stuur dat onderweg wegschiet, is gevaarlijk.
Nieuw stuur, nieuw stuurlint
Een gebruikt stuurlint kun je bijna nooit netjes opnieuw wikkelen, dus reken een rol nieuw lint mee. Dun lint geeft veel gevoel met het wegdek, dikker lint of gel lint dempt meer en is fijner op lange ritten of klinkerwegen. In stuurlint vind je beide varianten, in veel kleuren. Begin aan de onderkant van de drop en wikkel naar boven, met ongeveer een derde overlap, en trek het lint steeds licht aan.

En een opzetstuur voor tijdritten?
Rijd je triatlons of tijdritten, dan kun je een clip-on opzetstuur op je gewone racestuur zetten. Dat geeft een lagere, smallere houding met steun op je onderarmen. Controleer wel of het stuur er geschikt voor is: niet elk carbon stuur mag je met extra klemmen belasten, en sommige merken verbieden het zelfs. Opzetsturen en complete aerosturen staan in de categorie triathlonstuur.

Kort samengevat
- Breedte: ongeveer je schouderbreedte, let op c-c of buitenwerkse maat.
- Reach: korter voor een rechtere houding, langer voor meer strekking. Kleine aanpassingen doe je vaak met de stuurpen.
- Drop: compact (120 tot 130 mm) is voor de meeste rijders het prettigst.
- Materiaal: aluminium is robuust en betaalbaar, carbon lichter maar gevoeliger.
- Passing: check klemdiameter en kabelgeleiding voordat je bestelt.
Heb je je maten op een rij, dan vind je in racefietsstuur sturen van onder meer Deda, Ritchey en Merida in verschillende breedtes. Zoek je een ander type, kijk dan bij alle fietssturen of bij handvatten en stuurlint voor de afwerking.